Phytomyza ptarmicae Hering, 1937

mijn

Zeer lange onderzijdige gang; alleen het allerlaatste deel is bovenzijdig. Frass in ver uiteen liggende korrels. Verpopping buiten de mijn.

waardplanten

Asteraceae, nauw monofaag

Achillea grandifolia, ptarmica.

fenologie

Vanaf juni, in twee generaties (Hering, 1957a).

BENELUX

Niet bekend uit de Benelux-landen (Fauna Europaea, 2009).

verspreiding binnen Europa

Van Zweden en Finland tot Duitsland en Slowakijë (Fauna Europaea, 2009).

larve

puparium

Diepzwart.

literatuur

Andersen (2013a), Andersen & Jonassen (1994a), Černý (2007a), Černý, Vála & Barták (2001a), Hering (1937a, 1954a, 1957a), Pakalniškis (1993a), Spencer (1976a).

mod 10.iii.2018