Plantparasieten van Europa

bladmineerders, gallen en schimmels

Phytomyza pubicornis

Phytomyza pubicornis Hendel, 1920

vroege zevenbladmineervlieg

8155

Aegopodium podagraria, Amsterdam

12508

een andere mijn, meer in detail

mijn

Bovenzijdige gangmijn, die op een willekeurige plek in het blad begint. De windingen aanvankelijk nogal dicht bijeen, verder wat losser; daar verbreedt de mijn zich ook een eindweegs, maar lang niet zo sterk als bij Ph. obscurella op dezelfde waardplant. Frass in onregelmatige, tamelijk fijne zwarte korrels. Verpopping buiten de mijn.

waardplanten

Apiaceae, monofaag

Aegopodium podagraria.

fenologie

Slechts één generatie per jaar, in mei-juni (Hering, 1957a; Buhr, 1964a).

BENELUX

BE waargenomen (De Bruyn & von Tschirnhaus, 1991a).

NE waargenomen (de Meijere, 1924a).

LUX niet waargenomen (Fauna Europaea, 2008).

verspreiding binnen Europa

Van Scandinavië tot de Alpen, en van Engeland tot Wit-Rusland (Fauna Europaea, 2008); ook Finland (Kahanpaa & Winqvist, 2003a).

larve

puparium

Bleekbruin.

literatuur

Ahr (1966a), Beiger (1955a, 1960a, 1965a, 1970a, 1979a), Beuk (2002a), De Bruyn & von Tschirnhaus (1991a), Buhr (1964a), Černý (2001a, 2011a), Černý & Merz (2006a, 2007a), Černý & Vála (1996a, 1999a), Černý, Vála & Barták (2001a), Chałańska, Łabanowski & Soika (2006a), Ci̇velek, Çikman & Dursun (2008a), Dreger & Myssura (2005a), Hering (1955b, 1957a), Huber (1969a), Kahanpaa & Winqvist (2003a), Maček (1999a), de Meijere (1924a, 1926a, 1939a), Michalska (1970a, 1972a, 1976a, 2003a), Michna (1975a), Nowakowski (1954a), Pakalniškis (1998a), Skala & Zavřel (1945a), Sønderup (1949a), Spencer (1976a), Starke (1942a), Starý (1930a), Surányi (1942a), von Tschirnhaus (1999a).

Laatste bewerking 1.i.2019