Pegomya laticornis (Fallén, 1825)

klisvlieg

op Arctium

Pegomya latjcornis: mines on Arctium spec.

Arctium spec., Engeland, Norfolk, Narborough, 25.vi.2018 © Rob Edmunds

Pegomya laticornis mine

Arctium sp., Kekerdom

13916

Arctium sp., Groeningse Berg: zware aantasting


8168

Arctium sp., Nieuwendam

mijn

De mijn begint aan de bladonderzijde, dichtbij een zware nerf, bij een wit eischaaltje, dat ook bij volgroeide mijnen nog aanwezig is. Meestal liggen er verscheidene eieren op afstanden van ca. 1 cm langs een nerf. Elke larve maakt van daar uit een grote blaasmijn, zonder begingang. De frass is in een dichte klomp geconcentreerd in het begingedeelte van de mijn. In het begin van de mijn is de mijn onderzijdig (zodat zich boven de frassplek nog veel groen bladweefsel bevindt), maar verderop is de mijn zeer helder, en bovenzijdig, maar bijna voldiep. Bij verse mijnen zijn resten parenchym als secundaire vraatlijnen zichtbaar. Vaak vloeien oudere mijnen samen. Verpopping buiten de mijn.

waardplanten

Asteraceae, monofaag

Arctium lappa, minus, tomentosum.

fenologie

Larven in juni-juli (Hering, 1957a).

BENELUX

BE niet waargenomen (Fauna Europaea, 2008).

NE waargenomen (de Meijere, 1939a, als genupuncta).

LUX niet waargenomen (Fauna Europaea, 2008).

verspreiding binnen Europa

Van Zweden tot de Pyreneeën, en van Engeland tot Rusland en Roemenië (Fauna Europaea, 2008); ook Slovenië Maček, 1999a).

ei

larve

puparium

synoniemen

Pegomya genupuncta (Stein, 1906).

opmerkingen

Dempewolf (mond. med.) nam waar dat de larven zich bij zonnig weer terugtrokken in het deel van de mijn vlakbij de nerf, waar de frass geconcentreerd is; alleen bij bewolkt en regenachtig weer begeven ze zich ver in de mijn. Ook bij verstoring trekken ze zich op hun frassbastion terug.

literatuur

Ahr (1966a), Beiger (1955a, 1960a, 1979a), Beuk, Prijs & de Jong (2002a), Buhr (1933a, 1964a), Dušek (1970a), Hering (1921a, 1924a, 1957a), Huber (1969a), Kabos (1975a), Kvičala (1938a), Maček (1999a), de Meijere (1939a), Michalska (19070a, 1976a), Niblett (1956a), Nowakowski (1954a), Robbins (1991a), Skala (1936a), Skala & Zavřel (1945a), Sønderup (1949a), Stammer (2016a), Starý (1930a), Teschner (1999a), Ureche (2010a), Zoerner (1969a).

mod 28.vi.2018