Euleia heraclei (Linnaeus, 1758)

grote schermbloemboorvlieg, selderijvlieg

op Apiaceae

Euleia heraclei: occupied mine on Levisticum officinale

Levisticum officinale, Amsterdam

gal

Een grote blaasmijn, geel of bruin, voorafgegaan door een kort, later meestal nauwelijks nog herkenbaar gangetje, meestal met verscheidene larven. Vooral bij verse mijnen zijn de groene primaire en secundaire vraatlijnen duidelijk. Verpopping buiten de mijn. Hering waarschuwt dat de mijnen en puparia niet te onderscheiden zijn van die van de zeldzame Cryptaciura rotundiventris.

waardplanten

Apiaceae, breed oligofaag

Aegopodium podagraria; Ammi; Angelica archangelica, sylvestris, ursina; Anthriscus sylvestris; Apium graveolens; Berula erecta; Bupleurum; Cicuta virosa; Conioselinum; Conium maculatum; Coriandrum sativum; Falcaria vulgaris; Helosciadium nodiflorum; Heracleum mantegazzianum, pubescens, sphondylium & subsp. elegans + sibiricum + transsilvanicum + verticillatum; Laserpitium; Levisticum officinale; Ligusticum mutellina, scoticum; Molopospermum peloponnesiacum; Oenanthe crocata; Pastinaca sativa; Petroselinum crispum; Peucedanum carvifolia, cervaria, ostruthium; Pimpinella major, saxifraga; Pleurospermum austriacum; Seseli libanotis; Sium latifolium, sisarum; Smyrnium olusatrum; Thapsia villosa; Torilis arvensis subsp. neglecta.

Mijnen zijn ook gevonden op Eryngium, maar de larven sterven daar voortijdig. Een vermelding van Ruta (Hering, 1957a) betreft waarschijnlijk xenofagie.

fenologie

Larven van juni tot october (Hering, 1957a).

BENELUX

BE waargenomen (Baugnée, 2009a).
NE waargenomen (de Meijere, 1939a); gewone soort.
LUX niet waargenomen (Fauna Europaea, 2007)..

verspreiding binnen Europa

Vrijwel geheel Europa (Fauna Europaea, 2007).

larve

puparium

synoniemen

Philophylla heraclei.

literatuur

van Aartsen & Smit (2002a), Ahr (1966a), Baugnée (2006a, 2009a), Beiger (1955a, 1960a, 1965a, 1970a, 1979a), Bland (1992b, 1994b), Buhr (1933a), Ebejer (2015a), van Frankenhuyzen, Houtman & Kabos (1982a), Haase (1942a), Hansen, Hattendorf, Wittenberg ao (2006a), Hering (1927a, 1936b, 1937b, 1957a, 1962a, 1964a, 1967a), Homan (2012b), Huber (1969a), Kvičala (1938a), Leclercq & De Bruyn (1991a), Maček (1999a), de Meijere (1895a, 1939a), Merz (1999a), Merz & Kofler (2008a), Michalska (1970a, 1976a), Niblett (1956a), Nowakowski (1954a), Pakalniškis (1983a), Pakalniškis ao (200a), Robbins (1991a), Skala & Zavřel (1945a), Smit (2010a), Sønderup (1949a), Starý (1930a), White (1988a).

mod 22.vii.2018