Contarinia coryli (Kaltenbach, 1859)

springende hazelaargalmug

op Corylus

Contarinia coryli: galled catkins of Corylus avellana

Corylus avellana, Flevoland, Reve-Abbertbos © Hans Jonkman: de vergalde katjes zijn sterk gezwollen en de schubben zijn vergroot

Contarinia coryli: galling catkin of Corylus avellana: parasitised larva

de basis van de schubben is verbruind onder invloed van de uitwendige vertering door de larven

Contarinia coryli: larvae galling catkin of Corylus avellana

de larven zijn gregair

Corylus avellana: galled catkin of Corylus avellana

Corylus avellana, België, prov Namen, Nismes, RN les Abannets © Stéphane Claerebout

Corylus avellana: larva

larve, met de voor Contarinia kenmerkende grote anale papillen

Corylus avellana: larva about to jump

larve op het punt om te springen

Contarinia coryli: galled catkin of Corylus avellana

Corylus avellana, België, prov. Namen, Yvoir, Tricointe © Jean-Yves Baugnée

Contarinia coryli: larva in its gall

larve

Contarinia coryli: larva in situ

Corylus avellana, Loenen (Ge) © Arnold Grosscurt: plaats van de larve in de gal (pijl)

Contarinia coryli: larva

dezelfde larve, uitgeprepareerd

Contarinia coryli: damage

het afsterven van de katjes-schubben verloopt van binnen naar buiten

Contarinia coryli: damage

ook de as van het katje sterft af

gal

De larve is wit en kan springen; meestal 3 of vier in een katje. De groene katjes-schubben zijn locaal aan de basis bruin tot zwart verkleurd. Eén generatie per jaar; volgroeide larven overwinteren in de grond.

waardplanten

Betulaceae, monofaag

Corylus avellana, maxina.

synoniemen

Contarinia corylina (Löw, 1878).

opmerkingen

Alleen door de katjes te openen en te zoeken naar larven of mijten is de gal te onderscheiden van die van Phyllocoptruta coryli.

inquilinen

Dasineura, Stictodiplosis, corylina.

literatuur

Barnes (1951a), Béguinot (2002a,d,g, 2006a,c, 2007b), Bellido, Ros-Farré & Pujade-Villar (2003a), Blanes-Dalmau, Caballero-López & Pujade-Villar (2017a), Bruun (2015a), Buhr (1964b), Chinery (2011a), Cilbircioğlu & Ünal (2009a), Cogolludo (1921a), Dauphin & Aniotsbehere (1997a), Flügel (2016a), Gagné (2010a), Hellrigl (2010a), Houard (1908a), Ilie & Marinescu (2011a), Lambinon, Carbonnelle & Claerebout (2015a), Lehmann & Hannover (2016a), Nijveldt (1987a), Pellizzari (2010a), Redfern & Shirley (2011a), Roques, Cleary, Matsiakh & Eschem (2017a), Roskam (2009a), Roskam & Carbonnelle (2015a), Schneider (2016a), Simova-Tošić & Skuhravá (2001a), Simova-Tošić, Skuhravá & Skuhravý (1996a, 2000a, 2004a, 2007a), Simova-Tošić, Skuhravá, Skuhravý & Postolovski (2007a), Skuhravá (2006a), Skuhravá, Bayram, Çam ao (2005a), Skuhravá & Skuhravý (1988a, 1994a, 1997a, 1999a,b), Skuhravá, Skuhravý, Blasco-Zumeta & Pujade-Villar (2006a), Skuhravá, Skuhravý & Buhr (2013a), Skuhravá, Skuhravý & Carbonnelle (2017a), Skuhravá, Skuhravý, Dauphin & Coutin (2005a), Skuhravá, Skuhravý, Dončev & Dimitrova (1991a, 1992a), Skuhravá, Skuhravý & Jørgensen (2006a), Skuhravá, Skuhravý & Massa (2007a), Skuhravá, Skuhravý & Meyer (2014a), Skuhravá, Skuhravý & Neacsu (1972a), Skuhravá, Skuhravý, Skrzypczyńska & Szadziewski (2008a), Sylvén (1983a), Tomasi (2003a, 2014a), Unal & Akkuzu (2009a).

mod 4.iv.2019