Lasioptera donacis Coutin & Faivre-Amiot, 1981

op Arundo

gal

oranje-bruine larven leven groepsgewijs in met bruin mycelium gevulde gangen in de bladscheden. Verpopping in de gal, in een zijden cocon. Na het uitkomen van de muggen steken de lege exuvia uit openingen in de bladscheden.

waardplanten

Poaceae, monofaag

Arundo donax.

synoniemen

volgens Skuhravá & Skuhravý (2004b) is de naam van Coutin & Faivre-Amiot, 1981 een nomen nudum, luidt de correct naam Lasioptera donacis Coutin, 2001. Hier wordt echter de Fauna Europaea (2016) gevolgd.

opmerkingen

Thomas & Goolsby geven een zeer gedetailleerde beschrijving van de larven. De waarneming van Skuhravá & Skuhravý (2004b) dat de larven zouden leven in oude mijngangen van Cerodontha phragmitophila wordt door hun niet bevestigd; wel schrijven zij dat de eieren in groepjes worden afgezet in al bestaande openingen.

literatuur

Gagné (2010a), Sánchez (2016a), Skuhravá & Skuhravý (1997b, 2004b, 2009b), Skuhravá, Skuhravý, Dauphin & Coutin (2005a), Skuhravá, Skuhravý & Ebejer (2002a), Skuhravá, Skuhravý & Elsayed (2014a), Thomas & Goolsby (2015a).

mod 14.xii.2017