Cystiphora taraxaci (Kieffer, 1888)

paardenbloemvlekgalmug

op Taraxacum

Cystiphora taraxaci: galls on Taraxacum officinale

Taraxacum officinale, België, Montaubban

Cystiphora taraxaci: galls on Taraxacum officinale

Taraxacum officinale, Denemarken © Simon Haarder

Cystiphora taraxaci: larva in its mine

larve in de mijn

mijn

Onderzijdig cirkelrond blaasmijntje, ca 5 mm in diameter, vaak een flink aantal bijeen. Bovenzijde wrachtig, sterk rood verkleurd, ondoorzichtig. Aan de onderzijde is de mijn alleen door de epidermis afgesloten; de larve is duidelijk zichtbaar, evenals zijn voedsel: druppsels vloeistof, ontstaan door uitwendige vertering. Verpopping buiten de mijn.

waardplanten

Asteraceae, monofaag

Taraxacum campylodes, officinale.

Mirumian (2011a) noemt de soort van Lactuca orientalis; gezien de zeer nauwe waardplant-specialisatie bij het genus Cystiphora lijkt nadere bevestiging noodzakelijk.

fenologie

Larven vanaf juli (Hering, 1957a); twee of meer generaties (Skuhravá, Skuhravý & Jørgensen, 2006a).

BENELUX

BE waargenomen (Gosseries, 1991c).

NE waargenomen (de Meijere, 1939a).

LUX waargenomen (Lambinon, Schneider & Feitz, 2001b).

verspreiding binnen Europa

Van Nederland, Duitsland en Polen tot de Pyreneeën, Italië en Roemenië; ook Ierland en Letland, niet in Engeland (Fauna Europaea, 2007a); ook Bulgarijë (Buhr, 1941b) en Slovenië (Maček (1999a).

larve

synoniemen

Cecidomyia taraxaci.

opmerkingen

De biologie van Cystiphora-soorten vormt een overgang tussen de minerende en galvormende levenswijze.

literatuur

Béguinot (2002a,e,g,h, 2005a, 2006a,b, 2007b, 2012a), Beiger (1960a), Bellmann (2012a), Bruun (2015a), Buhr (1941b, 1965a), Dauphin & Aniotsbehere (1997a), Gosseries (1991c), Hering (1957a), Houard (1909a), Huber (1969a), Kieffer (1888a, 1891a), Koops (2013a), Lambinon, Schneider & Feitz (2001b), Lehmann & Hannover (2016a), Maček (2002a), de Meijere (1939a), Michalska (1970a), Mirumian (2011a), Möhn (1955a), Nijveldt & Beuk (2002a), Ostrauskas, Pakalniškis & Taluntytė (2003a), Redfern & Shirley (2011a), Roskam (2009a), Roskam Carbonnelle (2015a), Simova-Tošić & Skuhravá (2001a), Simova-Tošić, Skuhravá & Skuhravý (1996a, 2000a, 2004a, 2007a), Simova-Tošić, Skuhravá, Skuhravý & Postolovski (2007a), Skrzypczyńska (2007a), Skuhravá & Skuhravý (1994a,b, 1997a, 1999a,b, 2003a, 2005b,c, 2006a, 2007a, 2009a, 2010a,b), Skuhravá, Skuhravý, Dauphin & Coutin (2005a), Skuhravá, Skuhravý, Dončev & Dimitrova (1991a, 1992a), Skuhravá, Skuhravý & Hellrigl (2001a, 2002a), Skuhravá, Skuhravý & Jørgensen (2006a), Skuhravá, Skuhravý & Meyer (2014a), Skuhravá, Skuhravý & Neacsu (1972a), Skuhravá, Skuhravý, Skrzypczyńska & Szadziewski (2008a), Tomasi (2014a), Ureche (2010a), Zoerner (1969a)

mod 27.vii.2018