Plantparasieten van Europa

bladmineerders, gallen en schimmels

Mayetiola ventricola

Mayetiola ventricola (Rübsaamen, 1899)

pijpenstrootjesgalmug

op Molinia

gal

De halm is vlak boven de wortelstok opgezwollen in de vorm van een slanke ui: 10 mm hoog, 6 mm dik. De geelachtige gal barst door de bladschede heen, waardoor de halm licht knikt. De gal bevat een aantal witte larven, die zich in de gal verpoppen. Univoltien.

waardplanten

Poaceae, monofaag

Molinia arundinacea, caerulea.

larve

De larve wordt beschreven door Ertel (1975a).

Mayetiola ventricosa: spatula

prosternum met spatula (uit Möhn, 1955a)

synoniemen

Pemphigocecis ventricola; Oligotrophus ventricolus.

opmerkingen

Bijzonder lastig te vinden!

literatuur

Buhr (1964b), Dauphin & Aniotsbehere (1997a), Docters van Leeuwen (1936a), Ertel (1975a), Haarder, Bruun, Harris & Skuhravá (2016a), Houard (1908a), Kieffer (1901c), Möhn (1955a), Redfern & Shirley (2011a), Roskam (2009a), Roskam & Carbonnelle (2015a), Skuhravá, Skuhravý & Meyer (2014a), Tomasi (2014a).

Laatste bewerking 22.ix.2019