Chaetosiphon alpestre Hille Ris Lambers, 1953

op Potentilla

parasiet

Apterae ± 2 mm,g;lanzend bleekgroen met een lichte bruinige vleug. Lichaam met korte, afgeknotte haren. Aan de bloem-stelen, bladstelen en jonge stengels.

waardplanten

Rosaceae, monofaag

Potentilla intermedia, pusilla.

opmerkingen

Uit Zwitserland en Zweden is een ondersoort Ch. alpestre airolense Hille Ris Lambers, 1953 beschreven, die leeft op Potentilla megalantha (een tuinplant) en P. pusilla.

literatuur

Blackman & Eastop (2017), Heie (1994a), Lampel & Meier (2007a), Wojciechowski, Depa, Halgoš ao (2016a).

mod 25.i.2019