Plantparasieten van Europa

bladmineerders, gallen en schimmels

Dysaphis crataegi

Dysaphis crataegi (Kaltenbach, 1843)

meidoorn-peenluis

op Crataegus, primaire waardplant

Dysaphis crataegi s.l.: gall on Crataegus monogyna

Crataegus monognya Hongarije, Budapest © László Érsek; D. crataegi sensu lato!

Dysaphis crataegi s.l.: apterae

pngevleugelden

Dysaphis crataegi s.l.: apterae

detail

Dysaphis crataegi s.l.: alata

gevleugelde luis

gal

bladen deels gekruld en kersrood, met een scherpe grens tussen rood en groen. De luizen zijn groenig of grijs, bedekt met poederige was; de poten zijn zwart. De cauda is kort.

waardplanten

Rosaceae, monofaag

Crataegus laevigata, monogyna.


op Apiaceae, secundaire waardplanten

Dysaphis crataegi crataegi: aptera on Anthriscus sylvestris

Anthriscus sylvestris, Engeland © Bob Dransfield & Bob Brightwell, InfluentialPoints

gal

Luizen aan de wortels; zowel op de primaire als op de secundaire waardplant worden ze door mieren bezocht.

Op grond van de secundaire waardplant worden drie ondersoorten onderscheiden. D. crataegi crataegi migreert naar Daucus carota, in mindere mate ook Anthriscus en Myrrhis. D. c. aethusae (Börner, 1950) migreert naar Aethusa en Torilis. D. c. kunzei (Börner, 1950) migreert naar Pastinaca.

secundaire waardplanten

Apiaceae, oligofaag

Aethusa cynapium; Anthriscus sylvestris; Chaerophyllum temulum; Daucus carota; Heracleum sphondylium; Myrrhis odorata; Pastinaca sativa; Peucedanum alsaticum; Torilis arvensis subsp. neglecta, japonica.

De vermelding van Aegopodium podagraria door Buhr is waarschijnlijk onjuist. Barbagallo ea vermelden uit Italië waarnemingen op Chaerophyllum en Heracleum maar benoemen geen ondersoort.

synoniemen

Jezabura, Yezabura crataegi.

De ondersoorten D. c. aegopodii (Börner, 1950) en D. c. anthrisci (Börner, 1950) zijn synoniem met de typische vorm.

literatuur

Abras, Fassotte, Chandelier & Cavelier (2008a), Barbagallo, Binazzi, Pennacchio & Pollini (2011a), Barbagallo & Massimino Cocuzza (2014a), Blackman & Eastop (2017), Börner & Franz (1956a), Buhr (1964b), Chinery (2011a), Coulianos & Holmåsen (1991a), Dietrich (2016a), Ecott (2012a), Flügel (2016a), Heie (1992a), Hellrigl (2004a), Kollár (2007a, 2011a), Lambinon, Carbonnelle & Claerebout (2015a), Lambinon & Schneider (2004a), Lampel & Meier (2007a), Meliá Masiá (1986a), Mier Durante, Seco Fernández & Nieto Nafría (1989a), Nieto Nafría, Muñoz Martínez & Mier Durante (1987a), Pérez Hidalgo, Martínez Peláez & Nieto Nafría (2001a), Petrović (1998a), Rakauskas & Trukšinaitė (2011a), Redfern & Shirley (2011a), Ripka, Reider & Szalay-Marzsó (1998a), Redfern & Shirley (2011a), Roskam (2009a), Suay Cano & González Funes (1998b), Tambs-Lyche (1970a), Tomasi (2003a, 2012a), Wojciechowski, Depa, Halgoš ao (2016a).

Laatste bewerking 31.i.2019