Trioza agrophila Löw, 1888

op Cirsium

gal

bladranden gekruld en naar onderen ingerold; het blad is wat verbleekt en zwak verdikt. Aan de onderzijde bleekgelige larven, soms met een groenige tint, die dorsaal lange, gekromde wasdraden dragen.

waardplanten

Asteraceae, nauw monofaag

Cirsium arvense, palustre.

synoniemen

Trioza cardui Linnaeus: Houard, 1909.

literatuur

Buhr (1964b), Burckhardt (1983a, 2002a), Burckhardt & Thaler (1989a), Conci, Rapisarda & Tamanini (1996a), Dauphin & Aniotsbehere (1997a), Hellrigl (2004a), Houard (1909a), Malenkovský & Lauterer (2012a), Ossiannilsson (1972a, 1992a), Ouvrard (2014), Tomasi (2014a).

mod 26.vii.2018