Plantparasieten van Europa

bladmineerders, gallen en schimmels

Pseudodineura fuscula

Pseudodineura fuscula (Klug, 1816)

Pseudodineura fuscula: mine on Ranunculus cassubicus

Ranunculus cassubicus, Rusland, Ramensky district, Zhukovo village, 21.v.2019 © Andrey Ponomarev

Pseudodineura fuscula: mine on Ranunculus cassubicus

mijn in doorzicht

Pseudodineura fuscula: larva in mine

larve in de mijn

Pseudodineura fuscula: larva

uitgeprepareerde larve

Pseudodineura fuscula mine

Ranunculus repens, Nieuwendam, 28.v.2005

Pseudodineura fuscula mine

detail

Pseudodineura fuscula: mine on Ranunculus auricomus

Ranunculus auricomus, België, prov. Namen, Rochefort, Ri d’Howisse, 10.v.2015 © Chris Snyers

mijn

Grote transparante blaasmijn, beginnend met een kort voldiep gangetje langs de bladrand. Mijn in de top van een bladslip. Het bladweefsel in de omgeving van de mijn vaak donkerpaars verkleurd. Veel, grove, frass. Verpopping na het verlaten van de mijn.

waardplanten

Ranunculaceae, monofaag

Ranuculus aconitifolius, acris, alpestris, auricomus, bulbosus, cassubicus, lanuginosus, platanifolius, polyanthemos, repens.

fenologie

Larven gevonden van eind april tot in juli (Buhr, 1941a). In tegenstelling tot de andere minerende bladwespen spinnen de larven van Pseudodineura een ondergrondse cocon, waarin ze als pop overwinteren (Altenhofer & Pschorn-Walcher, 2006a).

BENELUX

BE waargenomen (Fauna Europaea, 2008).

NE waargenomen (van Ooststroom, 1976a).

LUX waargenomen (Chevin, Ellis & Schneider, 2011a).

verspreiding binnen Europa

Van Zweden en Finland tot de Pyreneeën, Italië en Roemenië, en van Ierland tot Polen (Fauna Europaea, 2008).

larve

synoniemen

Pelmatopus fusculus.

opmerkingen

Hering (1957a) en Altenhofer & Pschorn-Walcher (2006a) noemen de soort zeer gewoon in Duitsland en Oostenrijk, maar ik ken in Nederland maar enkele vindplaatsen.

literatuur

Altenhofer (2003a), Altenhofer & Pschorn-Walcher (2006a), Beiger (1955a, 1960a, 1970a, 1979a), Benson (1961a), Blank ao (1998a), Buhr (1933a, 1941a, 1964a), Chevin, Ellis & Schneider (2011a), Csóka (2003a), Haase (1942a), Haris (2009a), Hartig (1939a), Heibo, Lønnve, Barstad ao (2014a), Hering (1921a, 1924a,b, 1925a,b, 1931f, 1957a), Hoop (1983a), Huber (1969a), Kvičala (1938a), Liston (1995a), Liston, Prous & Vårdal (2019c), Liston ao (2012a), Lorenz & Kraus (1957a), Macek (2012c), Michalska (1972a, 1976a), Nowakowski (1954a), Nyman, Zinovjev, Vikberg & Farrell (2006a), van Ooststroom (1976a), Pschorn-Walcher & Altenhofer (2000a), Robbins (1991a), Scobiola-Palade (1974a), Seidel (1957a), Skala & Zavřel (1945a), Sønderup (1949a), Starý (1930a), Taeger, Blank & Liston (2006a), Taeger ao (1998a), Viramo (1969a), Wahlgren (1944a).

Laatste bewerking 17.v.2020