Plantparasieten van Europa

bladmineerders, gallen en schimmels

Gypsonoma oppressana

Gypsonoma oppressana (Treitschke, 1835)

zwarte populierenbladroller

Gypsonoma oppressana: mine on Populus nigra var italica

Populus nigra var. italica, Hurdegaryp © George Sinnema

Gypsonoma oppressana "mine"

Populus alba, België, prov. West-Vlaanderen, Ooigem-Wielsbeke © Steve Wullaert

Gypsonoma oppressana "mine"

bij een oud, verkalend blad is goed te zien dat het slechts schijnbaar om een mijn ging

Gypsonoma oppressana larva

larve

mijn

De jonge larve maakt een kort, onder- of bovenzijdig gangetje dat tegen de hoofdnerf aan ligt, en vaak voor een klein stukje vervolgens een zijnerf volgt. De mijn zet zich voort in een met veel frass bedekte buis van spinsel aan de bladonderzijde, van waaruit de larve onderzijdige venstervraat verricht. Bij abelen gebeurt dit onder de viltlaag, zodat een pseudo-mijn ontstaat.

waardplanten

Salicaceae, monofaag

Populus alba. balsamifera, x canadensis, nigra; Salix myrsinifolia.

fenologie

Minerende larven in september-november; na de overwintering vreten ze aan knoppen.

BENELUX

BE waargenomen (Phegea, 2009).

NE waargenomen (Kuchlein & de Vos, 1999a; Microlepidoptera.nl, 2009).

LUX niet waargenomen (Fauna Europaea, 2009).

verspreiding binnen Europa

Europa, met uitzondering van Ierland en het Balkanschiereiland (Fauna Europaea, 2009).

larve

Lichaam grijswit tot lichtbruin; pinacula bruin, onopvallend. Kop, prothoracale en anale plaat en borstpoten donkerbruin tot zwart (Bradley ea, 1979a).

synoniemen

Steganoptycha oppressana.

literatuur

Bradley, Tremewan Smith (1979a), Buhr (1935b, 1964a), Disqué (1905a), Emmet (1970b), Hering (1957a), Huber (1969a), Huisman, Koster, van Nieukerken & Ulenberg (2004a), Kuchlein & Donner (1993a), Kuchlein & de Vos (1999a), Robbins (1991a), Skala (1941a), Sønderup (1949a), Szőcs (1977a), Zoerner (1969a).

Laatste bewerking 16.x.2019