Plantparasieten van Europa

bladmineerders, gallen en schimmels

Cnephasia longana

Cnephasia longana (Haworth, 1811)

topbladroller

breed polyfaag op kruiden

Cnephasia longana mine

Aichryson dichotomum; uit Hering (1927a)

mijn

De jonge larve mineert soms een onregelmatig, klein, voldiep gangetje, dat zich tot een blaas verbreedt, of leeft tussen samengesponnen bladeren. De oudere larve leeft vooral in een samengesponnen bloeiwijze.

waardplanten

Aichryson dichotomum; Anthemis; Argyranthemum pinnatifidum; Armeria maritima; Bellis; Bitumniaria bituminosa; Centaurea; Convolvulus arvensis; Fagonia cretica; Hypericum; Hypochaeris radicata; Leucanthemum vulgare; Ligularia; Pilosella officinarum; Ranunculus bulbosus; Sempervivum; Silene; Sinapis; Stachys; Tripolium pannonicum.

BENELUX

BE waargenomen (Phegea, 2009).

NE waargenomen (Kuchlein & de Vos, 1999a; Microlepidoptera.nl, 2009).

LUX niet waargenomen (Fauna Europaea, 2009).

verspreiding binnen Europa

Van Scandinavië tot het Iberisch Schiereiland, Sardinië, Sicilië en Kreta, en vn Ierland tot Polen (Fauna Europaea, 2009).

larve

Beschreven door Mackay, Bradley, Tremewan & Smith, Swatschek; lichaam licht tot donker grijsgroen met twee subdorsale en latere lichtere lengtelijnen; kop en prothoracale plaat lichtbruin; pinacula klein, lichter dan het integument, maar de borstels zijn zwart; anale plaat en kam lichtbruin, kam met 6-8 tanden.

literatuur

Bradley, Tremewan & Smith (1973a), Gómez de Aizpúrua (2003a), Hancock & Bland (2015a), Hering (1927a.1957a), Klimesch (1987a), Kubasik (2011a), Kuchlein & Donner (1993a), Kuchlein & de Vos (1999a), Lepiforum (2019), Mackay (1962a), Meijerman & Ulenberg (2000a), Patočka & Turčáni (2005a), Robbins (1991a), Swatschek (1958a), Wegner (2010a).

Laatste bewerking 5.iii.2020