Plantparasieten van Europa

bladmineerders, gallen en schimmels

Elachista nitidulella

Elachista nitidulella (Herrich-Schäffer, 1855)

mijn

Ovipositie 3-10 cm onder de bladtop. De eerste 1-3 mm van de mijn zijn een haarfijn gangetje. De mijn daalt uiteindelijk, geleidelijk breder wordend en meemt vlak voor de tongetje de hele breedte van het blad in; dsat wordt al het bladweefsel wegggeten.

waardplanten

Poaceae, monofaag

Festuca stricta subsp. sulcata.

Voorkeur voor bijna verdroogde planten langs stoffige paden (Deschka, 1969c).

BENELUX

BE waargenomen (Phegea, 2011).

NE niet waargenomen (Fauna Europaea, 2011).

LUX niet waargenomen (Fauna Europaea, 2011).

verspreiding binnen Europa

Van Duitsland tot de Alpen, en van Frankrijk tot Roemenië (Fauna Europaea, 2011).

larve

Volgroeide larve somber vuilwit, alleen de monddelen wat donkerder. Prothoracale plaat nauwelijks zichtbaar, twee langgerekte vlekjes aan weerszijden van de midellijn.

pop

Uitvoerig bechreven door (Deschka, 1969c).

literatuur

Bidzilya, Budashkin & Zhakov (2016a), Deschka (1969c), Kaila, Nupponen, Junnilainen ao (2003a), Laštůvka, Laštůvka, Liška ao (1992a), Kaila, Baran & Mutanen (2015a), Parenti & Varalda (1994a), De Prins (1998a), Pröse (1995a), Wörz (1957a).

Laatste bewerking 26.ii.2018