Scrobipalpa halymella (Millière, 1864)

mijn

De larve mineert een aantal van de centrale bladeren de een na de ander uit. De oudere larve leeft tussen samengespoonnen bladeren. De mijn heeft enkele openingen waardoor de meeste frass naar buiten wordt gewerkt.

waardplanten

Amaranthaceae, monofaag

Atriplex halimus.

At in het laboratorium ook zonder problemen Halimione portulacoides (Huemer & Karsholt, 2010a).

fenologie

Larven van december tot maart (Hering, 1957a).

verspreiding binnen Europa

Zuid-Frankrijk (Fauna Europaea, 2009). Door Maček (1999a) gemeld uit Slovenië (als “Chrysoesthia halymella Dgl.”).

larve

Larve geelwit met vijf lichtrode lengtelijnen; kop en pronotum zwart (Hering, 1957a).

literatuur

Hering (1957a), Huemer & Karsholt (2010a), Maček (1999a), Nel (1999b).

mod 4.i.2020