Plantparasieten van Europa

bladmineerders, gallen en schimmels

Bucculatrix pannonica

Bucculatrix pannonica Deschka, 1982

Bucculatrix pannonica mine

Artemisia maritima, Oostenrijk, Burgenland, Neusiedlersee; uit Deschka (1982a).

mijn

De eerste mijn is een lange smalle, met frass gevulde, gang langs de bladrand; dee primaire mijnen zitten altijd in schaduwbladeren. De vrijlevende larve snijdt de bladrand open, altijd beginnend aan de top van een bladslip, en dringt vanuit de rand 0.3-3 mm het blad binnen.

waardplanten

Asteraceae, monofaag

Artemisia scoparia, santonicum.

fenologie

Bivoltien, overwintering als ei of jonge larve (Patočka, 1996a).

verspreiding binnen Europa

Oostenrijk, Slowakijë (Fauna Europaea, 2009).

larve

Minerende larve geel met een donkerbruine kop; vrijlevende larve grijsgroen.

pop

Beschreven door Patočka (1996a), Patočka (1996a) Patočka & Turčáni (2005a). De pop ligt in een slanke witte geribde cocon, vastgehecht aan de waardplant.

literatuur

Deschka (1982a), Z Laštůvka, A Laštůvka, Liška ao (1992a), Patočka (1996a), Patočka & Turčáni (2005a), Szabóky, Tokár, Liska & Pastorális (2009a).

Laatste bewerking 16.ix.2018