Caloptilia coruscans (Walsingham, 1907)

Caloptilia coruscans: mine on Pistacia lentiscus

Pistacia lentiscus, Frankrijk, Corsica, Belgodère, plage de Lozari © Stéphane Claerebout

Caloptilia coruscans: mine on Pistacia lentiscus

detail

Caloptilia coruscans: larva

larve

Schinus molle; uit Hering (1927a).

mijn

Epidermale wittige of bruinige gang, later blaas; de mijn kan zowel boven- als onderzijdig zijn. In het laatste stadium is de mijn zwak samengetrokken en gerimpeld. De oudere larve leeft in een opgerold blad.

waardplanten

Anacardiaceae, oligofaag

Pistacia atlantica, lentiscus; Rhus doica; Schinus molle; Searsia tripartita.

Klimesch (1970a, 1979a) schrijft dat de soort in de Canarische Eilanden ook ontdekt is op Myrica faya (thans overgebracht naar een eigen geslacht: Morella faya), een plant van een geheel andere familie (Myricaceae). Inderdaad wordt coruscans thans ingezet bij de biologische bestrijding van M. faya in Hawaii, waar deze een geïmporteerde plaag is. Er is echter enige twijfel of het werkelijk om een en dezelfde soort gaat (Leen & Markin, 1996a); zie ook de opmerking hieronder.

fenologie

Larven maart, april (Hering, 1957a).

BENELUX

Niet bekend uit de Benelux-landen (Fauna Europaea, 2009).

verspreiding binnen Europa

ZW Europa, maar ook Thracië (Fauna Europaea, 2009).

synoniemen

Caloptilia, Gracillaria, schinella (Walsingham, 1907); C. terebinthiella (Chrétien, 1910); de spellingsvarianten corruscans en coruscana zijn onjuist.

opmerkingen

Aguiar & Karsholt (2006a) beschouwen C. schinella als een geldige sooert die leeft op Myrica faya. Leen & Markin en Markin schrijven over een “Caloptilia nr. schinella”, verzameld op Madeira en de Azoren van Myrica faya, en in Hawaii ingezet in de biologische bestrijdig van deze invasieve plaag.

literatuur

Aguiar & Karsholt (2006a), Hering (1927a, 1936b, 1957a); Klimesch (1942a, 1970a, 1979a), Leen & Markin (1996a), Markin (2001a), Triberti (1985a), Triberti & Braggio (2011a).

14/02/2017

mod 17.vii.2019