Caloptilia hemidactylella (Denis & Schiffermüller, 1775)

bonte esdoornsteltmot

Caloptilia hemidactylella

Acer campestre, Amsterdam: mijn en drie stadia van bladrol, alle van hetzelfde kortlot

Caloptilia hemidactylella young mine

de onderzijdige mijn

Caloptilia hemidactylella leaf roll

laatste stadium bladrol

mijn

De larve maakt een vrij lange, onderzijdige gang, die overgaat in een blaasmijntje van 3-4 mm lang, waar al het bladweefsel behalve de nerven wordt weggegeten. Latere larvestadia leven vrij; ze leven dan in drie opeenvolgende bladrolletjes gemaakt van naar beneden ingerolde bladslippen.

waardplanten

Sapindaceae, monofaag

Acer
campestre, platanoides, pseudoplatanus, saccharinum.

fenologie

Larven in juli-augustus (Emmet ea, 1985a), maar, in ieder geval in Nederland, gaat hier waarschijnlijk nog een larve generatie aan vooraf (Corver ea, 2011a).

BENELUX

BE waargenomen (Phegea, 2011).

NE waargenomen (Corver ea, 2011a).

LUX waargenomen (Fauna Europaea, 2011).

verspreiding binnen Europa

Europa, uitgezonderd IJsland, Ierland en het Balkan-schiereiland (Fauna Europaea, 2011).

larve

pop

literatuur

Bengtsson & Johansson (2011a), Biesenbaum (2010a), Brown (1947a), Buhr (1935a), Buszko (1992b), Corver, Muus & Ellis (2011a), Emmet, Watkinson & Wilson (1985a), Fazekas & Schreurs (2012a), Hering (1934b, 1957a, 1961a), Jaworski (2009a), Kasy (1983a, 1987a), Klimesch (1950c), A & Z Laštůvka (2011a, 2014a), Maček (1999a), Patočka & Turčáni (2005a), Patočka & Zach (1995a), De Prins (2010b, 2011a), De Prins & Steeman (2011a), Robbins (1991a), Skala & Zavřel (1945a), Szőcs (1977a).

mod 1.ii.2020