Caloptilia rufipennella (Hübner, 1796)

donkere esdoornsteltmot

Caloptilia rufipennella mine

Acer saccharinum, Amsterdam

Caloptilia rufipennella young mine

beginmijn; het iriserende vlekje rechts is het lege eischaaltje

mijn

Het allereerste deel van de mijn is een lastig zichtbaar onderzijdig kort epidermale gangetje. Dit gaat over in een kleine driehoekige blaasmijn, meestal in een nerfoksel; de mijn is tamelijk doorzichtig en meet overlangs ca 6 mm. Oudere larven leven vrij, in een tot een kegel neerwaarts samengesponnen top van een bladlob. In de loop van zijn leven maakt de larve drie (zelden twee) van zulke kegels, opeenvolgend in grootte, al dan niet op hetzelfde blad; de eerste is niet veel meer dan een omgeslagen bladrand. Verpopping in een membraneuze, gelige cocon aan de bladonderzijde.

waardplanten

Sapindaceae, monofaag

Acer campestre, monspessulanum, negundo, opalus, platanoides, pseudoplatanus, saccharinum.

In Engeland vrijwel uitsluitend op A. pseudoplatanus.

fenologie

Larven treden op tussen juni en october, met een piek in juli.

BENELUX

BE waargenomen (Phegea, 2009).

NE waargenomen (Kuchlein & de Vos, 1999a; Microlepidoptera.nl, 2009).

LUX niet waargenomen (Fauna Europaea, 2009).

verspreiding binnen Europa

Vrijwel heel Europa, uitgezonderd Ierland en het Balkan-schiereiland (Fauna Europaea, 2009).

larve

Groenig, met een lichter gekleurde kop.

pop

Zie Patočka & Zach (1995a) of Patočka & Turčáni (2005a) voor een beschrijving.

literatuur

Bengtsson & Johansson (2011a), Biesenbaum (2010a), Buszko (1992b), Corver, Muus & Ellis (2011a), Csóka (2003a), Deschka & Wimmer (2000a), Deutschmann (2008a), Emmet (1971b, 1975a, 1986b), Emmet, Watkinson & Wilson (1985a), Hartig (1939a), Hering (1934b, 1939a, 1957a), Huber (1969a), Jaworski (2009a), Kuchlein & Donner (1993a), Kuchlein & de Vos (1999a), Langmaid & Young (2009a), Laštůvka & Laštůvka (2015a), O’Keeffe (1993a), Patočka & Turčáni (2005a), Patočka & Zach (1995a), De Prins (1998a, 2010a,b, 2011a), Robbins (1991a), Shaw (1984a), Skala & Zavřel (1945a), Sønderup (1949a), Szőcs (1977a), Tomov & Krusteva (2007a).

mod 9.i.2019