Parornix devoniella (Stainton, 1850)

gewone zebramot

Parornix devoniella mine

Corylus avellana, Amsterdam

Parornix devoniella

Corylus avellana, Nieuwendam; mijn en bladvouw

mijn

Klein rechthoekig mijntje tussen twee nerven (driehoekig, als het in een nerfoksel ligt). De onderepidermis is bruin. De larve begint te vreten in de het sponsparenchym. Later eet hij ook van het palissadeparenchym langs de contour van de mijn, en uiteindelijk wordt bijna al het palissadeparenchym weggegeten, en is de mijn transparant en voldiep geworden. Meeste frass in een hoek van de mijn. Na het verlaten van de mijn leeft de larve binnen een omgevouwen bladrand.

waardplanten

Betulaceae, monofaag

Corylus avellana, colurna, maxima.

De overstap van Betulaceae naar Rosaceae is vaak gemaakt. Daarom is het niet verbazingwekkend dat de soort af en toe optreedt op Cotoneaster.

fenologie

Larven in juli en september (Emmet ea, 1985a).

BENELUX

BE waargenomen (Phegea, 2010).

NE waargenomen (Kuchlein & de Vos, 1999a; Microlepidoptera.nl, 2010).

LUX waargenomen (Fauna Europaea, 2010).

verspreiding binnen Europa

Europa, uitgezonderd de Balkan en de Middellandse Zee-eilanden (Corley ea, 2006a; Fauna Europaea, 2010).

larve

pop

synoniemen

Ornix devoniella; Ornix, Parornix avellanella (Stainton, 1854); Parornix cotoneastri (Caradja, 1920).

opmerkingen

Wanneer de mijn van Phyllonorycter coryli dichtbij de bladrand ligt, kan hij sterk lijken op de bladvouw van devoniella. Bij coryli ligt de frass in een klomp, bij devoniella als een lange worst. Bovendien heeft de larve van devoniella vier zwarte vlekjes op het pronotum.

Parornix devoniella larva

Corylus avellana, Nieuwendam, geopende bladvouw

literatuur

Ahr (1966a), Baldizzone (2004a), Beiger (1979a), Bengtsson & Johansson (2011a), Biesenbaum (2010a), Braggion (2013a), Buhr (1935a, 1964a), Buszko (1992b), Buszko & Beshkov (2004a), Corley, Marabuto, Maravalhas ao (2009a), Corley, Maravalhas & Passos de Carvalho (2006a), Deschka & Wimmer (2000a), Deutschmann (2008a), Dimic (1971a), Emmet, Watkinson & Wilson (1985a), Grandi (1931a, 1933a), Haase (1942a), Hartig (1939a), Hellers (2017a), Hering (1957a), Huber (1969a), Huemer (1986b, 2012a), Huemer & Erlebach (2003a), Jaworski (2009a), Kasy (1987a), Klimesch (1950c), Kuchlein & Donner (1993a), Kuchlein & de Vos (1999a), Kvičala (1938a), Z & A Laštůvka (2009b), Maček (1999a), Matošević, Pernek, Dubravac & Barić (2009a), Nowakowski (1954a), Patočka (2001b), Patočka & Turčáni (2005a), Pinzari, Pinzari & Zilli (2013a), De Prins (1998a, 2007a), De Prins & Steeman (2011a), Robbins (1991a), Schütze (1931a), Sefrová (2005a), Skala (1941a), Skala & Zavřel (1945a), Sønderup (1949a), Szőcs (1977a), Tomov & Krusteva (2007a), Zoerner (1969a).

mod 22.iii.2019