Phyllocnistis xenia Hering, 1936

printplaatmot

Phyllocnistis xenia mine on Populus canescens

Populus x canescens, Hongarije, Mosonmagyaróvár © László Érsek

Phyllocnistis xenia: larva

larve in de mijn

Phyllocnistis xenia: larva

larve uit de mijn genomen

Phyllocnistis xenia: cocoon

cocon in de bladrand

Phyllocnistis xenia: pupa

pop dorsaal

Phyllocnistis xenia: pupa

pop lateraal

Phyllocnistis xenia: pupa

pop ventraal

Phyllocnistis xenia mine

Populus alba, Nieuwendam

Phyllocnistis xenia mine

Populus x canescens, Duin en Kruidberg: mijn op zeer jong blad

Phyllocnistis xenia: pupation site, on Populus alba

Populus alba, Oegstgeest, kasteel Endegeest: verpoppingsplek © Camiel Doorenweerd

Phyllocnistis xenia: larva, on Populus alba

larve in de mijn

mijn

Zeer lange, tamelijk brede, strikt epidermale gangmijn die zich in dichte lussen over de bladbovenzijde kronkelt zonder ooit zichzelf te oversnijden. Frass in een vage continue middenlijn. De mijn eindigt bij de bladrand, waar een kleine verwijding wordt gemaakt, en waaroverheen zich de bladrand een stukje omvouwt. Hierin heeft de verpopping plaats, niet in een cocon.

waardplanten

Salicaceae, monofaag

Populus alba, x canescens, tremula.

fenologie

Larven in juni-juli en augustus-september (Emmet ea, 1985a).

BENELUX

BE waargenomen (Phegea, 2009).

NE waargenomen (Kuchlein & de Vos, 1999a; Microlepidoptera.nl, 2009).

LUX niet waargenomen (Fauna Europaea, 2009).

verspreiding binnen Europa

Van Engeland tot Bulgarije, en van Polen tot het Iberisch Schiereiland en Italië (Fauna Europaea, 2009).

pop

synoniemen

Zie Phyllocnistis labyrinthella over de mogelijke synonymie met Ph. xenia.

opmerkingen

De soort werd pas in 1936 door Hering beschreven, aan de hand van materiaal uit zuid-Spanje. Dat doet vermoeden dat in die tijd deze soort in NW Europa heel zeldzaam waas, of mogelijk zelfs afwezig. Ook Lüders (1900a) maakt in zijn studie over het geslacht Phyllocnistis geen gewag van een soort op abeel.

literatuur

Adamczewski (1947a), Buszko (1981a, 1992b), Csóka (2003a), Delplanque (1998a), Deutschmann (2008a), Drăghia (1968a, 1972a), Emmet, Watkinson & Wilson (1985a), Hering (1936b, 1957a), Huber (1969a), Huisman ao (2009a), Jaworski (2009a), Kasy (1965a), Klimesch (1957a), Kollár & Hrubík (2009a), Kuchlein & Donner (1993a), Kuchlein & de Vos (1999a), Kvičala (1938a), Martynova (1955a), Patočka (2001a), Matošević, Pernek, Dubravac & Barić (2009a), Patočka & Turčáni (2005a), Pelham-Clinton (1976a), Popescu-Gorj & Drăghia (1966a), De Prins (1998a), Sefrová (2005a). Sims (2018a), Skala (1951a), Skala & Zavřel (1945a), Sønderup (1949a), Surányi (1942a), Szőcs (1977a, 1978a, 1981a), Ureche (2010a).

mod 23.xi.2018