Ochsenheimeria urella Fischer von Röslerstamm, 1842

mijn

Niet bekend. Waarschijnlijk mineert de larve enkele dagen in een blad, om daarna verder te gaan als stengelboorder.

waardplanten

Poaceae, oligophaag

Agropyron; Bromus; Hordeum vulgare; Melica; Secale cereale; Triticum aestivum.

Waarschijnlijk op meer grassen dan hier genoemd.

fenologie

Larven in april-mei (Emmet, 1985b).

BENELUX

BE waargenomen voor 1980 (Phegea, 2011).

NE uitgestorven; Kuchlein & de Vos (1999a) kondigen de publicatie aan van een recente waarneming, maar die is nooit verschenen.

LUX niet waargenomwn (Fauna Europaea, 2011).

verspreiding binnen Europa

Van Fennoscandia en Noord-Rusland tot de Pyreneen, Italië en Roemenië, en van Ierland tot Centraal Rusland (Fauna Europaea, 2011).

larve

Niet beschreven; maar zie de larvekenmerken in de beschrijving van de subfamilie.

synoniemen

Ochsenheimeria bisontella Lienig & Zeller, 1846.

literatuur

Bengtsson & Johansson (2011a), Davis (1975a), Emmet (1985b), Kuchlein & de Vos (1999a), Robbins (1991a).

17/12/2011

mod 16.ii.2018