Acalyptris loranthella (Klimesch, 1937)

Lepidoptera, Nepticulidae

Acalyptris loranthella mines

Loranthus europaeus, Tsjechië; uit van Nieukerken (2007a)

mijn

In verband met de bladdikte is de mijn oppervlakkig; ei, mijn en boogsnede aan dezelfde kant, hetzij bovenzijdig, dan wel onderzijdig. De mijn is een gang, vooral aanvankelijk vaak vrij sterk gekronkeld, waardoor plaatselijk een secundaire blaas kan ontstaan. Frass bruinig, aanvankelijk in een onderbroken smalle lijn, later verspreid of in onduidelijke boogjes, de helft to een derde van de breedte van de gang innemend.

waardplanten

Loranthaceae, monofaag

Loranthus europaeus.

fenologie

Bivoltien, larven in juni en september-october.

verspreiding binnen Europa

Van Tsjechië tot Sicilië en Griekenland, en van Italië tot Roemenië (Fauna Europaea, 2010).

larve

Geel, ligt ruggelings in de mijn. Beschreven door van Nieukerken (2007a).

pop

In een roodbruine cocon.

synoniemen

Nepticula, Stigmella, Weberina loranthella.

literatuur

Drăghia (1968b, 1972a), Hering (1957a), Kasy (1969a, 1974a, 1987a), Klimesch (1037a, 1948a, 1958c), A & Z Laštuvka (1997a, 2005a), van Nieukerken (1986a, 2007a), Skala (1939a), Szőcs (1977a, 1978a, 1981a).

mod 30.viii.2019