Plantparasieten van Europa

bladmineerders, gallen en schimmels

Stigmella naturnella

Stigmella naturnella (Klimesch, 1936)

zuidelijke berkenmineermot

Stgmella naturnella: occupied mine

bezette mijn (uit van Nieukerken, 2020a)

mijn

Ei aan boven- of onderzijde van het blad, meestal vrij van een nerf. Lange, slanke, min of meer gebogen gangmijn met een vrij smalle centrale frasslijn, meestal niet langdurig langs een nerf. Het eerste deel van de gang in het sponsparenchym, daardoor groen ogend. Boogsnede bovenzijdig. Verpopping extern, in a dunne, wittige cocon.

waardplanten

Betulaceae, monofaag

Betula pendula, pubescens.

fenologie

Twee generaties.

BENELUX

Sinds 2017 bekend uit Nederland en België (van Nieukerken, 2020a).

verspreiding binnen Europa

Tsjechië, Slowakijë, Oostenrijk, Hongarijë, Italie; Centraal- en Oost-Rusland (Fauna Europaea, 2009).

larve

Wittig, kop lichtbruin; achter de kop is de eerste knop van het buikganglon zichtbaar als een opvallende donkere vlek.

opmerkingen

Zeer warmteminnende soort.

literatuur

Baran (2013a), Haase (1942a), Hartig (1939a), Klimesch (1936a, 1948a, 1950c), Laštůvka & Laštuvka (1997a), Laštůvka, Laštůvka, Liška ao (1992a), Liška ao (2000a), van Nieukerken (1986a, 2020a), van Nieukerken, Zolotuhin & Mistchenko (2004a), Sefrová (2005a), Skala (1939a), Szőcs (1977a), Yefremova & Kravchenko (2015a).

Laatste bewerking 2.xi.2020