Plantparasieten van Europa

bladmineerders, gallen en schimmels

Stigmella plagicolella

Stigmella plagicolella (Stainton, 1854)

pruimenballonmot

op (Malus), Prunus

Stigmella plagicolella mine on Prunus cerasifera

Prunus cerasifera, Hongarije, Budapest © László Érsek

Stigmella plagicolella mines on Prunus cerasifera

twee mijnen, bovenzijde van het blad

Stigmella plagicolella mines on Prunus cerasifera

aan de onderzijde zijn ze nauwelijks zichtbaar

Stigmella plagicolella parsitised mine

mijn, verlaten door een parasitoid

Stigmella plagicolella mine on Prunus cerasifera

mijn met een ongewoon frasspatroon

Stigmella plagicolella: larva

larve dorsaal

Stigmella plagicolella: larva

larve ventraal

Stigmella plagicolella mine on Prunus spinosa

Prunus spinosa, Bergen NH

Stigmella plagicolella: mine on Malus domestica

Malus domestica, België, prov. Namen, Couvin, Frasnes © Stéphane Claerebout: mijn op zeer ongewone waardplant

Stigmella plagicolella: mine on Malus domestica

detail

mijn

Het ei bevindt zich aan de bladonderzijde. Het eerste deel van de mijn bestaat uit een slanke golvende gang, met een brede ononderbroken frasslijn, die een smalle heldere zoom vrijlaat. Zonder overgang gaat de gang na een vervelling over in een blaas, die in tegengestelde richting wordt aangemaakt. De frass ligt hier geconcentreerd in een diffuse centrale vlek. De mijn overschrijdt zelden of nooit de middennerf. Verpopping buiten de mijn.

waardplanten

Rosaceae, olgofaag

Malus domestica; Prunus armeniaca, avium, cerasifera, domestica & subsp. insititia, mahaleb, mume, spinosa, subcordata, triloba.

Sleedoorn is verreweg de belangrijkste waardplant. Optreden op appel zeer incidenteel; toch vertoonde de afgebeelde mijn een boogsnede, ten teken dat de larve zijn ontwikkeling heeft kunnen voltooien.

fenologie

Larven in juli en september-october (Emmet, 1976a).

BENELUX

BE waargenomen ((Phegea, 2009).

NE waargenomen (Kuchlein & de Vos, 1999a; Microlepidoptera.nl, 2009).

LUX waargenomen (Ellis: Kautenbach).

verspreiding binnen Europa

Geheel Europa (Fauna Europaea, 2009).

larve

synoniemen

Nepticula plagicolella.

opmerkingen

Plaagvormend op kaspruimen (van Frankenhuyzen & Freriks, 1972d).

literatuur

Amsel & Hering (1933a), Beiger (1979a), Bengtsson (2008a), Borkowski (1969a), Buhr (1936a, 1964a), Buszko & Baraniak (1989a), Buszko & Beshkov (2004a), Černý (2001a), Corley (2005a), Csóka (2003a), Deutsch (2012a), Diškus & Stonis (2012a), Drăghia (1967a, 1968a, 1970a, 1971a), Emmet (1976a), van Frankenhuyzen & Freriks (1972d), van Frankenhuyzen & Houtman (1972a), van Frankenhuyzen Houtman & Kabos (1982a), Gustafsson (1985a), Gustafsson & van Nieukerken (1990a), Haase (1942a), Hartig (1939a), Hering (1924a, 1932g, 1957a), Huber (1969a), Huemer (1985a, 1988a), Huemer & Erlebach (2003a), Johansson ao (1990a), Kasy (1979a, 1983a, 1987a), Klimesch (1936a, 1942a, 1950c, 1958c), Kollár (2007a), Kollár & Hrubík (2009a), Kuchlein & Donner (1993a), Kuchlein & de Vos (1999a), Kurz (2016a), Kurz & Kurz (2007a), Kvičala (1938a), Laštůvka & Laštůvka (1997a, 2005a, 2015a), Lhomme (1934c,d), Maček (1999a), Navickaitė, Diškus & Stonis (2014), van Nieukerken (1986a, 2006a), van Nieukerken, Laštůvka & Laštůvka (2004a, 2006a), van Nieukerken, Zolotuhin & Mistchenko (2004a), Nowakowski (1954a), Plóciennik, Pawlikiewicz & Jaworski (2011a), Popescu-Gorj & Drăghia (1968a), De Prins (2007a), Robbins (1991a), Sefrová (2005a), Skala (1939a, 1941a, 1951a), Sønderup (1949a), Stammer (2016a), Starý (1930a), Steuer (1995a), Stolnicu (2008a), Szőcs (1977a, 1978a, 1981a), Thomann (1956a), Yefremova & Kravchenko (2015a), Zoerner (1969a).

Laatste bewerking 18.ii.2020