Plantparasieten van Europa

bladmineerders, gallen en schimmels

Anguina agrostis

Anguina agrostis (Steinbuch, 1799)

struisgrasbloesemaaltje

op Paceae

Anguina agrostis gall on Phleum phleoides

Phleum phleoides, vergald kafje, buitenzijde en doorsnede (uit Houard, 1908a)

cf Anguina agrostis on Festuca

Festuca rubra, Leiden © Koen van Zoest

gal

De aaltjes leven in de slanke, flesvormige vervormde vruchtbeginsels, die vaak violetrood verkleurd zijn. De omhullende kafjes zijn zeer sterk verlengd.

waardplanten

Poaceae, oligofaag

Agrostis capillaris, stolonifera; Apera spica-venti; Calamagrostis canescens, lapponica; Elytrigia repens; Festuca rubra; Hordeum vulgare; Koeleria glauca, pyramidata; Leymus arenarius; Ochlopoa annua; Phalaris arundinacea; Phleum phleoides, pratense; Poa alpina, nemoralis, palustris, pratensis; Rostraria cristata; Secale cereale; Trisetum flavescens; Triticum aestivum.

Dauphin & Aniotsbehere (1997a), Redfern & Shiley (2011a) en Roskam (2009a) noemen in de eerste plaats Agrostis.

synoniemen

Anguina poophila Kirjanova, 1952; Tylenchus phalaridis (Steinbuch) Filipjev, 1936; Tylenchus agrostidis (Steinbuch, 1799).

opmerkingen

vaak geassocieerd met de schimmel Dilophospora alopecuri.

literatuur

Bongers (1988a), Buhr (1964a, 1965a), Dauphin & Aniotsbehere (1997a), Deckert & Deckert (2016a), Fleming, Maule, Martin ao (2015a), Houard (1908a), Jensen, Howell & Courtney (1958a), Redfern & Shirley (2011a), Roskam (2009a), Stănescu (2009a), Tomasi (2003a, 2012a, 2014a).

Laatste bewerking 13.x.2019