Plantparasieten van Europa

bladmineerders, gallen en schimmels

Anguina tritici

Anguina tritici (Steinbuch, 1799)

tarwebloesemgalaaltje

vooral op granen

Anguina tritici

Triticum vulgare, normale en vergalde graanvruchten (uit Mohamedova & Piperkova)

Anguina tritici

geopende gal, met “wol” bestaande uit juveniele aaltjes

gal

Aanvankelijk leven de juvenielen ectoparasitair op alle groeiende delen, maar zodra de bloemknoppen ontstaan boren ze zich daar naar binnen. De gehele plant is min of meer misvormd en groeit slecht. Tijdens de bloei vervormen de vruchtbeginsels tot kleine, zwartbruine, 2-3 mm grote bolletjes, die zo’n 40 paar volwassen nematoden bevatten, naast hun nageslacht van duizenden jonge. De gallen vallen op de grond, en de juveniele nematoden infecteren later nieuwe kiemplanten.

waardplanten

Poaceae, oligofaag

Avena sativa; Hordeum, Secale cereale, Triticum aestivum.

Het meest op tarwe; zelden ook Dactylis glomerata.

opmerkingen

Voorheen een ernstige plaag in de graanteelt, en nog steeds een probleem in ontwikkelingslanden.

literatuur

Bongers (1988a), Buhr (1964b, 1965a), Dauphin & Aniotsbehere (1997a), Fleming, Maule, Martin ao (2015a), Houard (1908a), Mohamedova & Piperkova (2013a), Roskam (2009a).

Laatste bewerking 13.x.2019