Erysiphe hypophylla (Nevodovsky) Braun & Cunnington, 2003

op Quercus

Erysiphe hypophylla: cleistothecium on Quercus robur

Quercus robur, Nieuwendam: cleistothecium

Erysiphe hypophylla: cleistothecium on Quercus robur

detail

Erysiphe hypophylla: cleistothecium on Quercus robur

detail

Erysiphe hypophylla on Quercus rorur

Quercus robur, België, prov. Antwerpen, Mol, Klein Verkallen © Carina Van Steenwinkel

Erysiphe hypophylla on Quercus rorur

zelfde blad, onderzijde

Erysiphe hypophylla: cleistothecium

cleistothecium

Erysiphe hypophylla: appendages

aanhangsels

Erysiphe hypophylla:  asci

asci

opmerkingen

mycelium onopvallend, dun, hoofdzakelijk onderzijdig. Conidia weinig talrijk, soms ontbrekend; solitair, cylindrisch, met afgeronde toppen, zonder fibrosine-lichaampjes. Cleistothecia hoofdzakelijk onderzijdig, met 4-16 asci, die 6-8 sporen bevatten. Meestal 10-20 aanhangsels, aangehecht op de equator. Ze zijn tot tweemaal zo lang als de diameter, stijf, hyalien, septaat, min of meer recht; bij het uiteinde zijn ze verbreed doordat ze daar enige malen achtereen dichotoom vertakt zijn.

waardplanten

Fagaceae, monofaag

Quercus frainetto, petraea, pubescens, robur & subsp. pedunculiflora.

synoniemen

Microsphaera hypophylla Nevodovsky, 1952.

opmerkingen

De cleistothecia zijn niet te onderscheiden van de van E. alphitoides, die eveneens op eiken leeft. In tegenstelling tot die soort worden de bladeren niet misvormd. Evenals alphitoides een neofyt, rond het midden van de 20e eeuw in Europa binnengekomen.

literatuur

Braun (1995a), Braun & Cook (2102a), Braun, Cunnington, Brielmaier-Liebetanz, Ale-Agha & Heluta (2003a), Bresinsky (2016a), Dynowska, Fiedorowicz & Kubiak (1999a), Klenke & Scholler (2015a), Kozłowska, Mułenko & Heluta (2015a), Kruse (2014a), Ruszkiewicz-Michalska (2006a), Sucharzewska (2009a), Sucharzewska, Dynowska, Kubiak ao (2012b), Talgø, Sundheim, Gjærum ao (2010a).

mod 4.vi.2018