Phragmidium candicantium (Vleugel) Dietel, 1927

op Rubus

Phragmidium candicantium: urediniospore

uit Gäumann (1959a): vergelijking van een urediniospore van Ph. bulbosum (links, op Rubus caesius) met die van Ph. candicatium (rechts, op R. grabowskii)

Phragmidium candicantium: teliospore

Rubus grabowskii, uit Gåumann (1959a) teliospore

gal

geen waardwiseling, alleen uredinia en telia. Uredinia onderzijdig, klein, omgeven door paraphysen; sporen 18-21 x 21-26 µm, maximaal 4 kiemporen; wand meer verwijderd bestekeld dan bij de verwante Ph. bulbosum. Telia onderzijdig, zwart; sporen als bij bulbosum,maar met (5)6-7(8) cellen en met apicaal een kleine, kleurloze papil.

waardplanten

Rosaceae, nauw monofaag

Rubus canescens, constrictus, grabowskii.

synoniemen

Phragmidium rubi var. candicantium Vleugel, 1908.

literatuur

Brandenburger (1985a: 244), González-Fragoso (1925a), Helfer (2005a), Jørstad (1953a), Klenke & Scholler (2015a), Poelt & Zwetko (1997a).

23/04/2017

mod 17.vii.2017