Puccinia apii Corda, 1823

selderijroest

op Apium

gal

Geen waardwisseling. Spermogonia, aecia, uredinia en telia gewoonlijk onderzijdig, ook wel op de bladstelen. Aecia klein, bekervormig, wit; sporen oranje, fijn wrattig, zonder gladde zones (in tegenstelling tot bij Uromyces lineolatus). Uredinia kaneelbruin, poederig; sporen eencellig. Telia zwartbruin; sporen tweecellig, op een afvallende steel.

waardplanten

Apiaceae, monofaag

Apium graveolens, prostratum.

literatuur

Bahcecioglu & Kabaktepe (2012a), Buhr (1964b), Ellis & Ellis (1997a), González Fragoso (1924a), Henderson (2000a), Klenke & Scholler (2015a), Poelt & Zwetko (1997a), Preece & Hick (1994a), Redfern & Shirley (2011a), Roskam (2009a), Termorshuizen & Swertz (2011a), Wilson & Henderson (1966a), Woods, Stringer, Evans & Chater (2015a).

mod 31.vii.2018