Puccinia oreoselini (Strauss) Körnicke, 1869

op Peucedanum

Puccinia oreoselini: spores

Peucedanum oreoselinum, uit González Fragoso (1924a): urediniosporen en teliosporen

gal

Geen waardwisseling, geen aecia. De eest gevormde, kaneelbruine uredinia veroorzaken tot enige centimeters grote zwellingen van de bladstelen; later gevormde zijn klein en bruin; sporen aan de top met een verdikte wand; 3 equatoriale kiemporen, elk bedekt door een lage papil. Telia klein, poederig, donkerbruin, ten dele ontstaand uit de uredinia; sporen tweecellig, wrattig; steel afbrekend.

waardplanten

Apiaceae, monofaag

Peucedanum cervariifolium, oreoselinum.

literatuur

Brandenburger (1985a: 452), Buhr (1965a), Gäumann (1959a), González Fragoso (1924a), Jage, Klenke, Kruse ao (2016a), Klenke & Scholler (2015a), Kozłowska, Mułenko & Heluta (2015a), Kruse (2019a), Riegler-Hager (2000a), Tomasi (2014a), Vanderweyen & Fraiture (2011a).

mod 31.vii.2019