Plantparasieten van Europa

bladmineerders, gallen en schimmels

Puccinia tinctoriicola

Puccinia tinctoriicola Magnus, 1902

op Klasea, Rhaponticum, Serratula

gal

Geen waardwisseling; aecia ontbreken. Uredinia en telia onderzijdig, poederig, respectievelijk licht- en donkerbruin. Urediniosporen 26-27 x 30-33 µm met 2 kiemporen in het bovenste deel van de spore. Teliosporen 25-27 x 42-45 µm, elliptisch, twee-cellig, fijn-wrattig; steel tot 14 µm, kleurloos, afvallend.

waardplanten

Asteraceae, nauw oligofaag

Klasea lycopifolia, radiata; Rhaponticum centauroides; Serratula coronata, tinctoria & subsp. monticola.

synoniemen

Puccinia tinctoriae Magnus, 1893.

P. tinctoriicola wordt vaak opgevat als een variëteit van P. hieracii.

literatuur

Brandenburger (1985a: 672), Buhr (1964b), Gäumann (1959a), Jage, Scholler & Klenke (2010a), Klenke & Scholler (2015a), Kruse, Thiel, Brodtbeck ea (2017a), Termorshuizen & Swertz (2011a), Tóth (1994a).

Laatste bewerking 28.iii.2019