Puccinia violae (Schumacher) de Candolle, 1815

viooltjesroest

op Viola

Puccinia violae on Viola spec.

Viola spec., Epen, Heimansgroeve, 3.v.2018 © Cor Zonneveld: aecia

Puccinia violae: aecia on Viola hirta

Viola hirta, duinen bij Wassenaar: aecia © Koen van Zoest

Puccinia violae gall

Viola labradorica, Dronten, 20.vi.2012 © Arnold Grosscurt

Puccinia violae gall

onderzijde van het blad, met aecia

Puccinia violae: aecia on Viola riviniana

Viola riviniana, Amstelveen, de Braak: aecia, 3.v.2014

Puccinia violae: uredinia on Viola spec.

Viola spec., België, prov. Limburg, Opglabbeek, Vallei van de Bosbeek, 5.ix.2018 © Carina Van Steenwinkel

Puccinia violae: uredinia on Viola spec.

detail, uredinia en telia

Puccinia violae: urediniospores

urediniosporen

Puccinia violae: urediniospores

detail

Puccinia violae: urediniospores

zelfde sporen, ander scherptevlak

Puccinia violae: urediniospores

urediniosporen, sterk vergroot

Puccinia violae: teliospores

teliosporen

Puccinia violae: teliospores

teliosporen, sterk vergroot

Puccinia violae: uredinia on Viola cf riviniana

Viola cf. riviniana, Amstelveen, Thijsse-park, 8.vii.2013: blad met uredinia

Puccinia violae: urediniospores

urediniosporen

Puccinia violae: uredinia and telia

Viola hirta, Engeland, Vice County: Oxon, VC23: links twee telia, rechts twee uredinia – de uredinia zijn bij deze soort ongewoon donker © Malcolm Storey, BioImages

Puccinia violae: teliospores

teliosporen

Puccinia violae: teliospore

Viola cf. riviniana, Amstelveen, Thijsse-park, 4.ix.2013: de steel breekt snel af

gal

geen waardwisseling. Spermogonia honingkleurig, in dichte kleine groepen. Aecia geel, bekervormig met omgeslagen rand, op vergalde en verkleurde delen van bladeren en bladstelen. Uredinia onderzijdig, lichtbruin, vroeg naakt, dan poederig; sporen vrijwel bolrond, 16-21 x 18-28 µm, met 2 kiemporen. Telia als de uredinia, maar donkerbruin; sporen 2-cellig, kort-ovaal; wand dun, apicaal niet verdikt; kiemporen met een duidelijke papil, die van de onderste cel meestal dichtbij de tussenwand; steel kort, fragiel.

waardplanten

Violaceae, monofaag

Viola alba, alpina, ambigua, arvensis, bertolonii, biflora, bubanii, calcarata, canina, cenisia, collina, cornuta, declinata, hirta, labradorica, lutea, mirabilis, odorata, palustris, paradoxa, persicifolia, pumila, pyrenaica, reichenbachiana, riviniana, rupestris, suavis, thomasiana, tricolor & subsp. curtisii, willkommii.

Ook op cultivars.

synoniemen

Puccinia aegra Grove, 1883; P. depauperans Sydow, 1903.

literatuur

Blumer (1946a), Brandenburger (1072a, 1985a: 392), Buhr (1965a), Coulianos & Holmåsen (1991a), Dauphin & Aniotsbehere (1997a), Doppelbaur & Doppelbaur (1973a), Ecott (2012a), Gäumann (1959a), Gjaerum (1982a, 1987a), González Fragoso (1922a, 1924a), Henderson (2000a), Jage, Kruse, Kummer ao (2013a), Jage, Scholler & Klenke (2010a), Klenke & Scholler (2015a), Kozłowska, Mułenko & Heluta (2015a), Kruse (2014a), Losa España (1942a, 1944a), Marková & Urban (1988a), Mayor (1967a, 1970a), Pellicier (2001a), Preece & Hick (1994a), Redfern & Shirley (2011a), Roskam (2009a), Ruszkiewicz-Michalska (2006a), Schmid-Heckel (1985a), Scholler, Reinhard & Schubert (1996a), Scholler & Schubert (1993a), Skuhravá & Skuhravý (2009d), Termorshuizen & Swertz (2011a), Tomasi (2003a, 2014a), Tóth (1994a), Unamuno (1941b), Vanderweyen & Fraiture (2011a), Woods, Stringer, Evans & Chater (2015a).

mod 18.iv.2019