Uromyces baeumlerianus Bubák, 1908

honingklaverroest

op Euphorbia

gal

zie Aecidium euphorbiae.

spermogonia, aecia

onbekend, waarschijnlijk:

Euphorbia spec.


op Melilotus

Uromyces baeumlerianus: spores

Melilotus neapolitanus, uit González-Fragoso (1925a): urediniosporen en teliosporen

gal

uredinia end telia bruin, resp. donkerbruin. Urediniosporen 17-22 x 20-33 µm met (2)3(4) poren. Teliosporen 17-22 x 23-27 µm, één-cellig, fijn-wrattig, bovenop met een lage, bruine papil; steel kort, afbrekend.

waardplanten

Fabaceae, monofaag

Melilotus albus, indicus, infestus, neapolitanus, officinalis, sulcatus.

Een vermelding door Unamuno (1941b) van U. anthyllidis op Melilotus sulcatus heeft waarschijnlijk eerder betrekking op baeumlerianus.

literatuur

Brandenburger (1985a), Gäumann (1959a), González-Fragoso (1925a), Klenke & Scholler (2015a), Negrean & Denchev (2000a), Poelt & Zwetko (1997a), Termorshuizen & Swertz (2011a), Unamuno (1941b), Savchenko, Heluta, Wasser & Nevo (2014e).

mod 11.viii.2018