Tilletia controversa Kühn, 1874

op grassen

gal

De vrucht is vergroot, en grijsbruin verkleur, stevig, (niet poederig), en gevuld met een stinkende sporenamassa. De sporen zijn rond, 18-22 µm, de wand is bedekt met een netwerkstructuur, en een dunne slijmlaag. Deze brandschimmel onderscheidt zich van verwante soorten doordat aagetaste planten zeer sterk in hun groei geremd worden, tot minder dan een derde van de normale hoogte, en zeer veel uitlopers vormen.

waardplanten

Poaceae, oligofaag

Aegilops cylindrica, triuncialis; Agropyron cristatum & subsp. brandzae + pectinatum; Alopecurus myosuroides; Arrhenatherum elatius; Beckmannia; Bromopsis erecta; Dactylis glomerata; Elytrigia atherica, elongata, intermedia & subsp. trichophora, repens; Festuca rubra; Holcus lanatus; Hordeum bulbosum, marinum, murinum & subsp. leporinum, vulgare; Koeleria macrantha; Lolium remotum; Schedonorus pratensis; Secale cereale; Triticum aestivum & subsp. spelta, turgidum subsp. dicoccum + durum.

synoniemen

Tilletia calospora Passerini, 1877; T. hordei Körnicke, 1877; T. pancicii Bubák & Ranoj, 1909; de spelling T. contraversa is onjuist (Index Fungorum, 2014).

opmerkingen

T. controversa heeft een heel breed spectrum van waardplanten. Dat is ongewoon, omdat planten-parasieten gewoonlijk sterk gespecialiseerd zijn (Bao, 2010). Als “dwarf bunt” is het een wereldwijde plaag in de tarwebouw (Wilcoxson & Saari).

literatuur

Almaraz (1998a), Bao (2010a), Bao, Carris, Huang ao (2010a), Boyd, Carris & Gray (1998a), Buhr (1964b), Carris & Castlebury (2008a), Carris, Castlebury, Huang ao (2007a), Ivić, Sever, Scheuer & Lutz (2013a), Klenke & Scholler (2015a), Mayor (1967a), Melgarejo Nárdiz, García-Jiménez, Jordá Gutiérrez ao (2010a), Negrean & Denchev (2000a), Savchenko & Heluta (2012a), Scholz & Scholz (2013a), Tomasi (2014a), Tóth (1994a), Unamuno (1941a), Vánky (1994a), Vánky & Abbasi (2013a), Wilcoxson & Saari (1996a), Zogg (1983a).

mod 25.iii.2019