Plantparasieten van Europa

bladmineerders, gallen en schimmels

Sclerotinia sclerotiorum

Sclerotinia sclerotiorum (Libert) de Bary, 1884

Sclerotinia sclerotiorum on Phaseolus vulgaris

Phaseolus vulgaris © Howard F. Schwartz, Colorado State University, Bugwood.org

parasiet

Op stervende delen van de plant vormen zich sclerotia. Ns een overwinering ontwikkelen zich hieruit apothecia op een tot 3 cm lange steel met een geelbruin hymenium; asci 6-10 x 130-150 µm, sporen twee-kernig, 4-5 x 9-14 µm.

waardplanten

polyfaag

Allium cepa; Althaea; Alyssum; Anchusa; Anethum graveolens; Antirrhinum; Apium; Aquilegia; Armoracia; Artemisia; Asparagus; Begonia; Beta vulgaris; Brassica; Callistephus; Campanula; Cannabis; Capsicum; Carpinus betulus; Carum; Centaurea; Chrysanthemum; Cicer; Cichorium endivia; Codiaeum variegatum; Cucumis sativus; Cucurbita; Cynara; Dahlia; Daucus; Delphinium; Dianthus; Erysimum; Ficus; Forsythia; Fragaria vesca; Gerbera; Glycine max; Helianthus; Humulus; Iris; Jasminum; Kalanchoe; Lactuca sativa; Lathyrus; Lepidium; Lilium; Linum; Lobelia; Lotus; Lunaria; Lupinus; Lycopersicon; Matthiola; Meconopsis; Melilotus; Mentha; Morus; Myosotis; Nicotiana; Paeonia; Papaver; Pastinaca; Petroselinum; Petunia; Phaseolus vulgaris; Pisum; Raphanus; Rubus; Schizanthus; Scorzonera; Senecio; Sinapis; Solanum tuberosum; Spinacia oleracea; Tanacetum; Taraxacum; Thalictrum; Trifolium; Trollius; Verbascum; Vicia; Vitis; Zea; Zinnia.

literatuur

Brandenburger (1985a: 70), Chlebicki & Chmiel (2006a), Moret i Benaset & Nadal i Puigdefabregas (1984a).

Laatste bewerking 16.xii.2022