Plantparasieten van Europa

bladmineerders, gallen en schimmels

Uromyces poae

Uromyces poae Rabenhorst, 1866

op Ficaria, Ranunculus

gal

Zie Aecidium ranunculi-acris.

spermogonia, aecia

Ranunculaceae, nauw oligofaag

Ficaria verna; Ranunculus acris, alpestris, amplexicaulis, auricomus, binatus, breyninus, bulbosus & subsp. aleae, bullatus, carpaticus, cassubicus, flammula, glacialis, gouanii, lanuginosus, lingua, paludosus subsp. flabellatus, platanifolius, polyanthemos, psilostachys, puberulus, pyrenaeus & subsp. angustifolius, repens, reptans, sardous, sceleratus.


op Poa s.l.

gal

uredinia klein, oranjegeel, beiderzijdig, lang door de epidermis bedekt, zonder paraphysen; urediniosporen kort-ovaal met 3-4 lastig herkenbare kiemporen. Telia bruinzwart, blijvend door de epidermis bedekt, door rijen bruine paraphysen gecompartimenteerd; teliosporen eencellig, 18-20 x 30-35 µm; steel kleurloos, tot even langs as de spore.

uredinia, telia

Poaceae, narrowly oligofaag

Bellardiochloa variegata; Ochlopoa annua; Poa alpina, angustifolia, bulbosa, cenisia, compressa, hacketii, longifolia, nemoralis, palustris, pratensis, rehmannii, trivialis.

synoniemen

wordt vaak beschouwd als conspecifiek met U. dactylidis.

literatuur

Blumer (1946a), Brandenburger (1985a: 750, 772), Buhr (1965a), Gäumann (1959a), Gjaerum & Dennis (1976a), Gjaerum & Sunding (1986a), González-Fragoso (1925a), Hrabětová, Kolařík & Marková (2015a), Klenke & Scholler (2015a), Kruse (2014a, 2019a), Maier, Wingfield, Mennicken & Wingfield (2007a), Mayor (1970a), Savchenko, Heluta, Wasser & Nevo (2014e), Scheuer & Bechter (2012a), Scholler & Schubert (1993a), Termorshuizen & Swertz (2011a), Zwetko & Blanz (2012a).

Laatste bewerking 9.xii.2022