Hippophaë duindoorn
Dichotome tabel voor bladmineerders
1a vlekmijn; larve mineert vanuit een zak: Coleophora serratella
1b vouwmijn: Phyllonorycter corylifoliella
1c lange, al dan niet losse, gangmijn, met aan het begin een bol glimmend eischaaltje => 2
1d kleine gang- of blaasmijn, zonder zichtbaar eischaaltje => 3
1e gallen etc => Tabellen voor alle parasieten per soort
2a slanke, losse gang, plotseling overgaand in een blaas; frass zwart: Stigmella hybnerella
2b gang snel en geleidelijk breder wordend, vormt een secundaire blaas; frass warmbruin: Stigmella perpygmaeella
3a kort gangmijntje, vaak in een nerfoksel, bijna geheel met frass gevuld, dan gevolgd door een lange, heldere, larvekamer; oudere larve leeft vrij onder het blad: Bucculatrix bechsteinella
3b klein onregelmatig gang- of blaasmijntje met weinig frass; oudere larven leven tussen samengesponnen bladeren => 4
4a minerende larven in juni-juli, groenig of gelig met lichtbruine kop: Gelechia hippophaella
4b minerende larven in juli-october, roodbruin met bruinzwarte kop: Spilonota ocellana