Coleophora deviella Zeller, 1847
schorrenkruidkokermot

Suaeda maritima, Schiermonnikoog, 17.ix.2018 © Arnold Wijker

Suaeda maritima, Schiermonnikoog, Waddenzeedijk, 2.x.2017 © Luc Knijnsberg

Suaeda maritima, Texel, de Volharding, 2.ix.2019 © Lucette Robertson-Proot
uit Toll (1962a)
zak
Volgroeide larven in een bleek geelbruine, driekleppige, buisvormige zijden zak van ca 9 mm met een mondhoek van 20°-30°.
waardplanten
Amaranthaceae, oligofaag
Bassia hirsuta, laniflora; Halostachys belangeriana; Suaeda acuminata, maritima, prostrata.
fenologie
Larven vanaf augustus; ze zijn volgroeid in october (Emmet ea, 1996a).
BENELUX
BE waargenomen (Phegea, 2010).
NE waargenomen (Kuchlein & de Vos, 1999a; Microlepidoptera.nl, 2010).
LUX niet waargenomen (Fauna Europaea, 2010).
verspreiding binnen Europa
Van Denemarken tot Spanje, Sardinië, Sicilië en Griekenland, en van Engeland tot Zuid-Rusland (Fauna Europaea, 2010).
larve
Zie Emmet ea (1996a).
synoniemen
Casignetella deviella; Coleophora suaedivora Meyrick, 1928; C. maeniacella: Toll, 1952.
opmerkingen
De larven eten zowel van de ontwikkelende vruchten als van bladeren. De zakken zitten tamelijk opvallend bovenop de planten (Fairclough, 1984a).
literatuur
Baldizzone (1982e, 1983c), Baldizzone & Triberi (1982a), Baldizzone, Tokár, Z S Kovács (2004a), Baldizzone & van der Wolf (2000a)., Budashkin (2011a), Corley (2005a), Emmet, Langmaid, Bland ao (1996a), Fairclough (1984a), Gielis, Huisman, Kuchlein ao (1985a), Hering (1957a), Huertas Dionisio (2007a), Jansen & Asselbergs (1993a), Kaltenbach & Roesler (1985a), Kuchlein & Donner (1993a), Kuchlein & de Vos (1999a), Langmaid (1997a), De Prins (1998a), Rickert (2010a, 2011a), Toll (1952a, 1962a), Wegner (2013a).